Team Rocket | Pokemon | E-Mail | Contact

 Index
 » Beginpagina
 » Blauwe Versie
 » Gastenboek
 » Over Mijzelf
 » Awards
 » Leden TR
 » Contact

 Diversen
 » Diverse Info
 » Motto
 » Plaatjes
 » Banned Episodes
 » Leukste Uitspraken
 » Songs

 Overige
 » Wallpapers
 » Stemmen TR
 » Rants
 » TR Merchandise
 » Fan-Art
 » Fan-Fics
 » Downloads
Team Rocket's Missie
Team Rocket heeft voor de zoveelste keer geprobeerd Pikachu van Ash te stelen. Dit keer was hun plan eigenlijk best goed: James en Meowth moesten Ash, Misty en Brock afleiden door te doen alsof ze Togepi wilden stelen. Ondertussen zou Jesse met een rubberen kooi Pikachu proberen te vangen. Waar het trio alleen niet aan dacht, was dat Ash natuurlijk Pikachu in zou zetten om James en Meowth weg te jagen. Bovendien had Brock al meteen door dat Jesse er niet bij was, dus waren ze al helemaal op haar voorbereid. Met een donderschok van Pikachu hielden Jesse, James en Meowth het weer voor gezien.

"Bah, zuchtte James, dit is nou al de tweeŽntachtigste keer dat we van die vervelende Pikachu verloren hebben!" "Dat meen je niet, schreeuwde Jesse verontwaardigd uit, je gaat me toch niet vertellen dat je dat echt bijhoudt?!" "Nou, in principe hou ik niet bij hoe vaak we verloren hebben, maar hoe vaak ik een brief aan de baas moest schrijven dat we weer geen pokemon gevangen hebben." "Wauw, riep Meowth, tweeŽntachtig! Zelfs ik had niet verwacht dat we ZO vaak verloren hebben!" Die opmerking kon Jesse niet waarderen. "Hou je bek Meowth! Daar is dus echt helemaal niks grappigs aan!" Na een klap van Jesse gekregen te hebben, verdween de grijns op het gezicht van de katpokemon dan ook al gauw. "Hmmmm, reageerde hij, maar je hebt wel gelijk. We moeten echt heel gauw Pikachu stelen, anders ontslaat de baas ons nog!" "Dat vraag ik me af, zei Jesse, de baas ontslaat niet erg gauw iemand, ik heb het in ieder geval nog nooit gehoord." "Bedoel je dat we ons geen zorgen hoeven te maken? " "Eh, ik geloof dat je me niet helemaal begrepen hebt. Dit zeg ik niet erg graag, maar, de baas heeft zo zijn eigen methoden om van infiltranten en onbruikbare werknemers af te komen..." Bij deze woorden werden James en Meowth bleek. "M.maar, rilde Meowth, je bedoelt toch niet dat hij ons zou laten..." "Ik wil in ieder geval niks uitsluiten. Daarom moeten we Pikachu ook zo snel mogelijk vangen!" "Mi...misschien moeten we iets nieuws proberen," stelde James voor. "Zo, vroeg Jesse, en wat dan wel als ik het vragen mag? Heb je een nieuw plan om Pikachu te vangen?" "Kijk, was het antwoord, dat bedoel ik nou. We denken er altijd alleen maar aan die Pikachu te vangen, maar het is ons tot nu toe nog nooit gelukt. We hebben het tweeŽntachtig keer geprobeerd en tweeŽntachtig keer verloren. Misschien wordt het tijd dat we inzien dat het gewoon niet gaat...Die...die Pikachu is gewoon te sterk voor ons. Daarom denk ik dat we misschien iets anders moeten zoeken. Onze opdracht luidt niet specifiek die Pikachu te vangen, hij luidt dat we zeldzame en sterke pokemon voor de baas moeten stelen." "Maar het gaat hierbij om onze eer, James! riep Jesse verontwaardigd uit, als we opgeven, dan, dan geven we toe dat we verliezers zijn!" "Misschien, antwoordde James, maar...Als we Pikachu blijven proberen te vangen, zullen we een verdere tweeŽntachtig keer verliezen, en, en het kan zijn, dat er dan nog veel meer te verliezen valt..."
"Hmm, kwam Meowth ertussen, tja, ik denk dat dat klopt. Maar waar vinden we een pokemon die het waard is om te stelen? Ik heb geen zin om vandaag nog erg ver te lopen." "Ik ook niet, gaf James toe, maar het is ook al laat. Kom, dan gaan zoeken we een hotel op." "Wat zijn jullie voor een stelletje watjes, mopperde Jesse, het is 3 uur in de middag en jullie noemen het al laat! Maar goed, ik heb ook niet erg veel zin meer om vandaag nog iets te doen wat veel moeite kost, dus laten we onze tent maar opzetten." "Maar, protesteerde James, we zouden toch naar een hotel toe gaan?" "Ja, en wie betaalt dat dan, hŤ?" "Nou, eh, we kunnen het van de Team Rocket rekening af laten schrijven!" Dit werd Jesse werkelijk te veel. Zonder te aarzelen gaf ze James een flinke mep midden in zijn gezicht. "AU!" "IDIOOT die je bent, snauwde ze fel, als je wilt dat de baas ons nog sneller zat is, moet je vooral zo doorgaan! En zet even die verdomde tent even op, wil je?!" "Ja, ja, al goed, zuchtte James, maar waarom moet ik eigenlijk altijd de tent opzetten? Laat ook maar zitten, ik doe het al."

Toen de tent een kwartiertje later stond waar hij moest staan, bedacht Meowth dat ze niet ver van Viridian City af waren. "Zeg, jongens, merkte hij op, we zitten nu toch maar een paar kilometer van Viridian af? Voor zover ik weet woont daar toch die ene beroemde pokemontrainer, die we laatst op televisie hebben gezien?" "Ja, antwoordde Jesse, daar kan ik me ook nog aan herinneren, hij was vorig jaar toch tweede geworden bij de indigo league? Wat? Wou je zijn pokemon gaan stelen?" Meowth knikte. "Ja, dat was wel de bedoeling!" "Welke pokemon had die trainer dan, viel James hen in de rede, ik ben het namelijk vergeten." "Vergeten?! vroeg Jesse, dat programma was eergisteren nog op TV! Nou ja, voor zover ik weet had hij een Nidoqueen, Poliwrath, Arcanine, Raichu, en...en.." "En natuurlijk die Kadabra!" voegde Meowth eraan toe. "Ja, precies. Dat wilde ik ook net zeggen. Kortom, het zijn zeldzame sterke pokemon waarmee we bij de baas een wit voetje kunnen halen. We moeten wel nog een plan verzinnen hoe we het doen en dan jatten we morgen die pokemon!"

James en Meowth stemden in en ze verbrachten de rest van de namiddag ermee een plan te verzinnen hoe ze het beste in konden breken. Het moest 's nachts gebeuren, terwijl de pokemon slapen, want dan zou het verrassingseffect groter zijn. Bovendien zouden de pokemon dan ook niet meer de kans krijgen te ontsnappen. Met behulp van een oude plattegrond bepaalden ze waar de beste plek zou zijn om met Arbok's zuur een gat in de muur te smelten. Toen het al avond was, kreeg het trio een onverwacht telefoontje van de baas. "Het wordt tijd dat jullie eens iets nuttigs doen. Jullie bevinden je momenteel toch in de buurt van Viridian City?" "Eh, ja, ja natuurlijk baas," antwoordde Jesse. "Mooi. Het pokeball onderzoekscentrum van Viridian heeft onlangs een nieuwe soort ultraball uitgevonden, die nog efficiŽnter pokemon vangt. Ik wil dat jullie daar inbreken en die ultraball samen met de geheime constructieplannen ervan stelen. En waag het niet om me nogmaals teleur te stellen. Dat zou jullie niet erg gunstig bekomen! Hebben jullie me begrepen? "Eh, ja, ja natuurlijk baas." "Dan zal ik jullie nu de plattegrond ervan toezenden. Giovanni einde." Alledrie de Rockets gaven een zucht van opluchting toen er opgehangen werd. Even later kwam een klein velletje papier uit de draagbare printer die ze bij zich hadden. "Goed Meowth, begon Jesse, tot zover je plan om de pokemon van die trainer te stelen." "Ja, kon ik het weten dat de baas ons zomaar op een nieuwe missie zou sturen?!" "Uhm, kwam James ertussen, ik wil jullie niet onderbreken, maar ik denk dat we beter zo snel mogelijk die plattegrond moeten bekijken en een nieuw plan moeten verzinnen om daar binnen te komen." "Goed, zuchtte Jesse, pak je die plattegrond er dan even bij?" "Hier is hij." "Hmmm...Het gebouw lijkt behoorlijk veel op dat van die trainer. Sterker nog, ze lijken bijna identiek. Misschien staan die gebouwen naast elkaar ofzo? Als ik het zo zie..." "Kunnen we het plan dat we vanmiddag voor die pokemondiefstal bedacht hebben, net zo goed op dit onderzoekscentrum toepassen!"onderbrak Meowth haar. "Gelukkig, zei Jesse, ik had echt geen zin om een nieuw plan te verzinnen. Ik denk dat we het beste morgenvroeg meteen naar Viridian toegaan."

Zo gezegd, zo gedaan. De volgende ochtend liep het trio richting de grote stad. Het bospaadje waar ze overheen liepen was behoorlijk saai. Links en rechts alleen maar lange rijen met bomen en her en der wat Pidgey en Caterpie. Niet bepaald zeldzame pokemon. "Oh, ik heb zo'n honger, kreunde James, waarom kunnen we niet eerst iets gaan eten?" "Omdat jij meestal als je gegeten hebt meteen een paar uur gaat liggen maffen, antwoordde Jesse, daarom! Bovendien hebben we nauwelijks nog iets te eten bij. Als we in Viridian zijn mogen we niet vergeten een paar boodschappen bij de supermarkt te jatten." Toen het groepje in Viridian City aankwam, het was al middag. Nadat ze toch maar wat te eten gejat hadden en klaar waren met het verorberen ervan, liepen ze naar het onderzoekscentrum. "Hť, Jesse, merkte James op, dit gebouw ziet er heel anders uit als op de plattegrond! Is dit echt dat onderzoekscentrum waar ze die ultraball hebben ontdekt?" "Ja, natuurlijk, antwoordde Jesse, het staat daar toch met koeienletters op de voorgevel?! Dat heb je wel vaker met die plattegronden, de buitenkant van een gebouw klopt bijna nooit. Maar daar gaat het niet om, de gangen zullen precies zoals op de kaart zijn." "Kijk, riep Meowth, daar staan de openingstijden! Het sluit vanavond om 18:00 uur. Als we nou om 23:00 uur naar binnen sluipen weet ik zeker dat er niemand meer aanwezig zal zijn!" "Goed, stemde Jesse in, dan komen we vanavond terug!" "Ho!" riep James ineens. Jesse draaide zich om, om te zien wat er met haar Rocketmaatje aan de hand was. "Wat is er nu weer?"vroeg Meowth.
James keek een beetje verbouwereerd. "Er vloog plotseling een krant tegen mijn gezicht aan. Iemand moet hem weggegooid hebben." Terwijl hij probeerde de krant een beetje ordelijk probeerde dicht te vouwen, wat natuurlijk niet lukte aangezien kranten de grootste ondingen van deze planeet waren, viel hem iets op. "Hť, kijk! Het is de krant van vandaag! En er staat zelfs een artikel over Team Rocket op de voorpagina!" "Ja? Laat mij eens kijken, drong Meowth aan, ik wil ook even lezen wat er staat!" Snel griste de kleine kat de krant uit James' handen. 'Politie start hardere aanpak van Team Rocket', las hij voor, hmm, we moeten in het vervolg schijnbaar nog meer op onze hoede zijn." "Laat zien, vroeg Jesse nu ook, hŤ bah, er staat niet eens een foto van ons bij, alleen maar een paar smerissen die twee van onze collega's oppakken. Kom, we gaan wat leuks doen. Even de winkeltjes van Viridian in om te 'shoppen', bijvoorbeeld." "Oh, nee, zuchtte James, dan weet ik al waar we de rest van de middag mee bezig zijn."

Die avond slopen Jesse, James en Meowth naar de achterzijde van het gebouw. "Zeg Jesse, begon James, ik weet het niet, maar...Ik heb op de een of andere manier een slecht gevoel bij deze zaak. Alsof er iets niet klopt..." "Hou je kop, fluisterde Meowth geÔrriteerd, of wilde je soms dat de politie ons hoort?!" Ondertussen liet Jesse Arbok uit zijn pokeball. "Arbok, fluisterde ze, smelt een gat in deze muur met je zuur, maar doe het wel heel zachtjes!" "Shhhar~bok!" Toen het groepje binnen was liepen bevonden ze zich en een grote gang. Op de grond lag tapijt dat blauw weerkaatste in het licht van de maan. Het was betrekkelijk donker en de enige reden waarom ze niet continu over elkaar heen struikelden was omdat Meowth voor de veiligheid een zaklampje had meegenomen. "Het zou veel sneller en makkelijker gaan als we zouden weten waar die ultraball ligt, merkte Meowth op, volgens mij klopt er iets niet. Op de kaart staat dat er hier een T-splitsing zou moeten zijn, maar er is alleen een bocht naar links. Laten we die nemen." Nadat het trio een paar gangen door was gegaan, bleef Jesse opeens stilstaan. "Wat is er, Jesse?" vroeg James. "Geef die kaart eens hier. Juist ja, dat vermoedde ik al. We hebben de foute kaart meegenomen. Dit is niet de plattegrond van dit pokeballonderzoekscentrum, dit is die van die trainer waarvan we de pokemon wilden stelen. Ik geloof dat we aardig in de nesten zitten." "Oh, oh nee, schrok James paniekerig, wat...wat moeten we doen? Wat moeten we doen? D-dit gebouw is heel erg groot en, en we weten de weg niet. We...we moeten terug, terug, terug!" "Kalmeer nou een beetje, reageerde Jesse die zelf zo goed mogelijk probeerde haar paniek te onderdrukken, denk eens na James! Wat zou de baas ervan vinden als we het nu alweer verknoeiden? Bovendien kunnen we niet eens meer terug, want ik denk niet dat een van ons nog de weg naar de uitgang weet! Laten we nou maar eerst bedenken waar die ultraball zou kunnen liggen." "Misschien achter die deur daar, bedacht Meowth, kom." Na een korte zucht legde Jesse haar hand op de deurklink en haalde hem over. "Hij is niet op slot." Met een lichte kraak opende ze de deur... "AAAAH! Er komt iets harigs op ons af! "gilde Jesse. "Wat is dat?" huiverde Meowth geschrokken. Jesse en James waren echter allang de hoek om weggerend. Toen Meowth een tweede keer naar het harige ding keek begon hij te lachen en slaakte een zucht van opluchting. "Hahaha, kom maar weer jongens, jullie harige monster is een oude bezem. Dit hier is de bezemkast!" Nog een beetje trillend van de schrik kwamen Jesse en James weer terug. "Dat is niet grappig, fluisterde Jesse, bovendien ben jij ook geschrokken hoor!" Het trio liep verder. Opeens klonk er een vreemd geluid uit de verte: "tatutatuTATUTATU" "James, schrok Jesse, w-wat is dat?" "TATUTATUTATUTATU" "I-ik weet het niet, maar het komt steeds dichterbij!" "Oh nee, schreeuwde Meowth, rennen jongens, het is de sirene van een politiewagen!" "Wacht, stopte Jesse hem, als we zomaar rond rennen zullen ze ons zeker oppakken, we moeten ons ergens verstoppen!" "We kennen de weg hier toch helemaal niet, merkte James op, hoe weten we ooit nog op tijd waar een goede verstopplaats is?" "Maar natuurlijk, bedacht Meowth, die bezemkast! Daar zoeken ze ons vast niet. Ze zullen denken dat we allang weer weg zijn en dan..." "We hebben geen tijd voor dat gezwets, haastte Jesse, kom!" Ze sleurde Meowth aan zijn staart mee en rende met James naar de oude bezemkast. Het was een krap, stoffig kamertje waar ze met een beetje proppen maar net met zijn drieŽn in pasten, bovendien hingen er overal spinnenwebben. "Ah, bah, wat is het hier smerig, kreunde Jesse, volgens mij is deze muffige kast de afgelopen tien jaar niet meer schoongemaakt!" "AU, kreunde James, je staat op mijn voet!" "Hou je bek James, anders horen ze ons nog! Hmmm, ik hoor voetstappen, ze komen deze kant op..." "Goed zo Growlithe, jij vind ze wel!" klonk er een meter of tien van de bezemkast vandaan. "Oh nee, ze hebben een Growlithe, schrok Meowth, met zo'n speurhond maken we geen kans!" Terwijl Jesse angstig door het sleutelgat naar de schaduw die steeds dichterbij kwam keek, leunde James zo ver mogelijk naar achteren. Met zijn elleboog stootte hij tegen een van de planken aan en er klikte iets. Plotseling schoven een paar planken naar beneden, waardoor er een gat in de achterkant van de bezemkast kwam. James viel er achterover doorheen. "James, vroeg Jesse angstig, wat is er? Waar ben je?" Toen zagen zij en Meowth het gat. "Oh, e-een gat, fluisterde Meowth, hoe komt dat daar?" "Stop met die stomme vragen Meowth, kom, dit is onze enige uitweg!" Snel kropen Jesse en Meowth door het gat en vielen bovenop James. "Owww, kreunde hij, moesten jullie echt zonodig bovenop mij springen?" "KRRRR" klonk er. De planken van de bezemkast schoven weer keurig op hun plaats terug. Toen hoorde het trio hoe, aan de andere kant van de plankenmuur, de deur van de bezemkast werd geopend. Even scheen er een kort lichtstraaltje door een gleuf tussen de planken op hen. "Nee, hoor, Growlithe, hier is niemand, kijk zelf maar. Je moet je vergist hebben!" Het licht verdween weer en met wat gekraak ging de bezemkast weer dicht."Pfoe, zuchtte Meowth, dat scheelde maar een haartje. Wat een geluk dat je door die planken gevallen bent, James!" "Dat gebeurde anders niet zomaar, antwoordde hij, kijk, de planken zijn bijna vanzelf opzij geschoven en nu zijn ze weer teruggegaan." "Dan moet dit een geheime gang zijn, stelde Jesse vast, Meowth, heb jij je zaklampje nog? Ik zie hier nauwelijks wat. Het enige licht komt van de muren af." Meowth knipte het kleine lichtje van de zaklamp aan. "Ja, dat is beter. Zeg James, wat is er, je kijkt zo bezorgd?" "Nou, antwoordde hij, weet je nog, toen we aan de pokemon technische hogeschool zaten? Die ene les dat jij een strijker in de klas liet afgaan?" "Ja, natuurlijk, hoe zou ik dat ooit kunnen vergeten? Ik heb een leraar nooit ZO kwaad gezien als toen. Het leek wel of hij, en niet die strijker ontplofte! Hoezo?" "Nou, jij was toen allang bij de conrector om je te melden, maar ik had toen nog een uurtje geschiedenis. Ik kan me geen enkele geschiedenisles meer herinneren, maar die ene wel, omdat hij zo boeiend was. Het ging over de geschiedenis van Viridian City. Op de plek, waar nu dit onderzoekscentrum staat, stond er vroeger een grote tempel. Naar de verhalen woonden er in die tempel zowel mensen als pokemon. Ze geloofden in vreemde goden, welke weet ik niet meer precies, maar naar de oude geschriften woonde er in het hart van die tempel een afgezant van de goden, zijn naam was Dewgong. Op een dag moest Dewgong voor een belangrijke missie naar een ver en gevaarlijk land. Hij beloofde zijn volgelingen binnen 6 maanden weer terug te zijn. Na een jaar was Dewgong nog niet teruggekeerd en de mensen en pokemon verloren hun geloof aan hem. Ze verlieten de tempel en kwamen nooit meer terug. Niet lang daarna kwam de heilige Dewgong toch terug. De enige reden waarom hij ooit vertrokken was, was om te zien hoe loyaal en hoeveel vertrouwen zijn volgelingen in hem hadden. Dewgong was razend en hij liet de tempel voor altijd onder de grond verbannen. Wat daarna met hem en zijn volgelingen gebeurde is tot op heden onbekend."

Jesse was verbaasd over James' geschiedeniskennis. "Wauw, bewonderde ze, ik wist niet dat je ooit een keer had opgelet op school!" James glimlachte even. "Maak je geen zorgen, dit was de enige keer hoor, maar het komt ons nu misschien nog van pas." Meowth schrok. "J-je bedoeld toch niet dat dit misschien een van de gangen van die oude tempel is, hŤ?" "Misschien wel, ik kan me de rest van het verhaal nog nauwelijks herinneren, maar ik geloof dat die vent toen ook nog iets vertelde dat de tempel licht gaf en de gangen zo koud als de ijsstraal van Dewgong waren." "Dat zou in ieder geval verklaren waarom de muren hier een beetje opgloeien en het een paar graden kouder is," stemde Jesse toe. "Dan kunnen we het beste deze gang maar volgen, vond Meowth, ik heb geen zin om hier nog lang te blijven en aangezien we niet meer terug kunnen is dit hier onze enige uitweg." Het trio liep verder de gangen door, soms kwamen ze langs kruisingen en gingen ze een bocht om, maar ze merkten al gauw dat hoe verder ze door het labyrintachtige gebouw liepen, hoe dieper ze erin kwamen en hoe kouder het werd. "Jij ook altijd met je prachtige ideeŽn Meowth, mopperde Jesse, we hadden beter op die ene plek kunnen wachten tot de politie weg was en dan een gat door die planken gemaakt. Maar nee hoor, ik moest weer zonodig naar Meowth luisteren en zie daar, we zijn verdwaald." "Lekker hoor, nou is het zeker weer mijn schuld? Jullie dachten toch ook dat we er goed aan deden deze gangen te volgen?!" "Kom op jongens, kwam James ertussen, ik ben bang dat we wel wat belangrijkere dingen aan ons hoofd hebben. Is het jullie niet ook opgevallen dat er de afgelopen honderd meter allemaal inschriften en tekens in de muren gegraveerd zijn?" "Nu je het zegt, begon Jesse, ik vraag me af wat ze betekenen. Ik ken die taal niet. En de tekens begrijp ik ook niet. Het is me trouwens wel opgevallen dat het steeds kouder is geworden. Bovendien lichten de muren ook steeds meer op. Dus dat betekend..." "..dat dit die oude tempel is, vulde Meowth haar aan, jongens, dit IS die tempel. Dat freaky verhaaltje van James klopt dus toch!"
"Ik bedenk me opeens..., begon James, dat er nog iets was met deze tempel..." "Wat dan?" "Ik weet het niet meer. Maar het was belangrijk. Het had iets met de kracht van het bestaan te doen, van het leven. Maar ik geloof dat ook onze leraar het niet helemaal wist." "De kracht van het bestaan? fluisterde Jesse, maar...James, ik ben bang. Ik vind die verhalen vreemd. Ik vind deze plek hier vreemd. I-ik wil hier weg, James. Alsjeblieft." Ze hield zich stevig aan zijn arm vast terwijl ze verder liepen. Meowth bevond zich vlak voor hen. Plotseling struikelde hij. "Meowth?" vroeg James. "Ik ben in orde" rilde hij angstig. "Hmm, wees maar niet bang Meowth, wij zijn vlakbij jou." James begreep dat ze zich misschien in een behoorlijk gevaarlijke situatie bevonden, maar op de een of andere manier was hij niet echt bang. 'En dat terwijl juist ik meestal het snelste van iets schrik,' dacht hij bij zichzelf. De gang leek steeds smaller te worden, terwijl het steeds kouder werd. Bovendien begonnen de muren hoe verder ze kwamen, steeds meer licht te geven. Op een gegeven moment moest het trio zelfs achter elkaar gaan lopen. Meowth deed de zaklamp uit. "D-de muren geven nu zoveel licht dat we deze even niet nodig hebben, bibberde hij, misschien dat hij later nog van pas komt en dan zijn we blij, als de batterijen nog niet op zijn." "AU!" "Wat is er Jesse? Vroeg James. "Ik stootte me aan dit ding hier." Ze wees naar een hendelachtige staaf die uit de muur stak. Ook hier stonden vreemde tekens bij. Plotseling begon de grond te beven. "Oh, James, snikte Jesse, wat is dat? Ik krijg hier nog een zenuwinstorting." Ze klampte zich stevig aan haar vriend vast. De grond begon nog harder te beven en het trio kon nauwelijks nog hun evenwicht bewaren. De muren leken steeds dichterbij te komen en het was alsof de zwaartekracht van plaats veranderde. Langzaam werden James, Jesse en Meowth tegen de linkermuur aangetrokken. "AAAAH!" schreeuwde Meowth angstig. Jesse kon niks zeggen. Ze wilde schreeuwen, ze wilde rennen, maar het lukte niet. Het leek alsof ze niet kon bewegen, of hoogstens vertraagd. Ze voelde zich duizelig, alsof ze droomde, maar ze wist dat dat niet kon. Ze wist dat het allemaal echt was. Hoe graag Jesse nu ook wakker wilde worden om de wekker kapot te slaan, het was onmogelijk. James verloor zijn evenwicht en viel tegen de linkermuur aan. Hij probeerde zich aan een van de stenen in de muur nog vast te houden, terwijl de andere muren steeds dichterbij kwamen. Opeens verschoof de steen waaraan James zich vastgeklampt had en vielen hij, Jesse en Meowth naar achteren. Toen werd alles zwart voor hun ogen.

"Jesse, vroeg een vertrouwde stem, Jesse! Wordt wakker! Gaat het weer een beetje?" "Eh, eh, ja, zuchtte Jesse terwijl ze zich realiseerde dat die vertouwde stem van James was, wat is het hier koud zeg! Maar, waar is Meowth?" "Ik ben hier, je hoeft je geen zorgen te maken." "Wie zegt dat ik me ooit zorgen zou kunnen maken om zo'n lastige haarbal als jou? Waar zijn we eigenlijk en wat is er net gebeurd?" "Dat weten we niet, zei James, maar ik heb hier ook nog niet echt rondgekeken. Het lijkt erop alsof we in een grote zaal zitten, of zoiets." "Wauw! Moet je dat daar zien, schreeuwde Meowth ineens, een standbeeld!" Nu zagen Jesse en James het ook, op ongeveer twintig meter afstand stond een reusachtig standbeeld van een sierlijke Dewgong. "Dat is vast een standbeeld ter ere van Dewgong, vermoedde James, dat lang geleden gemaakt is om die zeehond te vereren." "Dus zo zag die eruit, zei Jesse, hij ziet er niet uit als een reguliere Dewgong. Moet je al die vreemde tekens op zijn lijf en die reusachtige staart van hem zien!" Nieuwsgierig liep het trio naar het beeld toe. "Dat.dat, stotterde Jesse, dat standbeeld is van ijs." "Wauw, riep James, dan moet het hier onder de nul graden zijn." Na die woorden gezegd te hebben begon hij weer te rillen. Meowth keek de kamer rond. "Zeg jongens, fluisterde hij, ik zie nergens een uitgang!" Ook zijn 2 metgezellen zagen in de hele kamer niks anders dan dat grote standbeeld van Articuno, het was beangstigend. "We...we zullen bevriezen!" schreeuwde Jesse paniekerig. James suste haar gauw. "Maak je nou maar geen zorgen, we vinden wel een weg om hier uit te komen! Misschien is er nog wel iets bijzonders met dit Dewgong-beeld."
Voorzichtig liep James op het beeld toe. Hij voelde zich vreemd, alsof hij niet meer compleet in de realiteit was. Plotseling voelde hij de dringende behoefte het beeld aan te raken. Hij kon het zich niet verklaren maar ging toch recht ervoor staan. Eerst legde hij zijn linkerhand ertegenaan, daarna zijn rechter. En plotseling begon het ijs van het beeld te kraken. "Krrrrrr.KRRRRRR"
James ontwaakte uit zijn trance en zette geschrokken een paar passen achteruit. Jesse en Meowth stonden vlak achter hem.
"Het beeld, stamelde Jesse, het beeld gaat breken! Wat heb je gedaan, James? Wat gebeurd er in vredesnaam!" James kon geen antwoord geven. Hij kon alleen maar met open mond naar het beeld waar inmiddels steeds meer scheuren in ontstonden kijken. Plotseling barste het hele beeld open. IJsscherven vlogen in het rond. Snel doken James, Jesse en meowth op de grond om zo min mogelijk geraakt te worden.
Nadat het weer stil was keek het trio op om te zien wat er gebeurd was. Ze konden hun ogen bijna niet geloven. Voor hen stond een gigantische Dewgong. Zeker vijf maal zo groot als een normale. Zijn vacht had een witte gloed over zich en zijn staart was sierlijk, in de vorm van een waaier. Op zijn hoofd droeg hij een grote witte hoorn en zijn blik was fier. In alle rust keek hij vanaf het voetstuk waar eerst het ijzen beeld stond naar beneden.
Uiteindelijk was het James, die als eerste wat durfde te zeggen. "Dit is hem.dit is die Dewgong. We hebben hem vast in zijn rust gestoord! Al die eeuwen zat hij waarschijnlijk in dat ijs verborgen. Niemand die iets van zijn bestaan afwist."

Voor James uit kon praten sprong de Dewgong op de grond. Rustig liep hij op het groepje af. Maar hij keek niet kwaad, integendeel, het was alsof hij glimlachte. "Neen, zei hij, jullie hebben mij niet verstoord. Jullie hebben me juist bevrijd. Bevrijd van een eeuwig lijkende stilte." Zowel Jesse als ook James waren verbaasd de ijspokemon te horen praten, maar ze zeiden niets. "Maar misschien is het jullie duidelijker als ik alles even uitleg. Lang geleden stond deze tempel nog boven de grond. Mensen kwamen van heinde ver om mij te zien en rust te vinden. Ik heerste, jazeker en waarschijnlijk was dat fout, maar ik heerste rechtvaardig. Duizenden mensen geloofden in mij, maar dat was me niet genoeg. Ik wilde weten hoe loyaal ze waren. Ik was bezeten van honger naar macht, bezeten van het idee een God te kunnen zijn. Bezeten van iets wat niet waar was. Maar goed, ik testte mijn volgelingen dus hoe loyaal ze waren door weg te gaan. En toen ik terug kwam, waren ze weg. Ze hadden me opgegeven.
Ik kan me niet herinneren dat ik ooit zo woest ben geweest als toen. Het hele gebied rondom de tempel liet ik bevriezen en de tempel zelf verbande ik onder de grond. Ikzelf bleef daar dan ook. Diep in mijn hart voelde ik een pijn.een knagende pijn omdat ik alle was verloren wat ik eens bezeten had. De mensen, hun geloof in mij, mijn macht, maar ook mijn zelfvertrouwen. Toen ik echter in mijn eentje was en nadacht over alles wat ik had gedaan, begon ik te begrijpen wat voor monsterlijke dictator ik moet zijn geweest. In diepe schaamte en ellende bleef ik hier zitten. Mijn levenskracht was op en ik wilde nooit meer het daglicht zien. Maar het einde kwam maar niet. Eeuwen heb ik gewacht, maar er kwam geen einde aan de ellende. Langzaam vormde zich een dikke ijslaag rond mijn lichaam. Ik had hem al die tijd al kunnen breken, maar ik wilde het niet. En ik kon het niet, want het had geen zin. Toen jullie hier echter opdoken en iemand zijn handen tegen me aanlegde, voelde ik weer hoe het was om leven om me heen te hebben.
Leven.
Dat was ik helemaal vergeten, hoe mooi leven was. Hoe prachtig het gevoel was anderen om me heen te hebben. Jullie aanwezigheid wekte me uit mijn slaap. Ik zal jullie hier eeuwig dankbaar voor zijn."

James en Meowth waren lichtelijk ontroerd door dit verhaal. Jesse echter, dacht eraan dat deze extreem grote Dewgong een prachtig cadeautje voor de baas kon zijn. Als zij hem wisten te vangen, zou hij het vast niet meer erg vinden dat het hen niet meer gelukt was die ultraball te jatten! Terwijl ze met haar hand al naar haar pokeballs greep om een aanval te starten, wendde de Dewgong zich tot haar. "Ik weet dat je mij wilt vangen, zei hij op een even rustige toon als daarvoor, maar je ziet toch zelf wel in dat je pokemon geen schijn van kans tegen mij zouden maken?! Maar maak je geen zorgen hoor, ik ben niet kwaad. Alle agressieve gevoelens die ik ooit gehad heb, heb ik destijds van me afgeworpen. Ik ken Team Rocket al langer dan vandaag. Jullie organisatie bestond vroeger ook al. Nu ja, de uniformen zagen er destijds anders uit als tegenwoordig, maar toch. Ik denk dat jullie nu beter kunnen gaan."

Plotseling verscheen er op de grond onder het trio een lichtgevende schijf en nog voor ze zich konden realiseren wat er gebeurde stonden ze in het gras. Vlug keek James om zich heen. Hij kende deze plek wel, dit was een veldje niet ver buiten Viridian City. Meowth was stomverbaasd. "Hoe zijn we hier terechtgekomen?" riep hij uit. Jesse tikte zachtjes op zijn schouder en wees naar iets, een paar meter van hen af. Toen Meowth keek zag hij het ook. Het was de Dewgong. "Wat gaat er gebeuren?" vroeg hij geschrokken.
Dewgong glimlachte een tweede keer. "Met jullie niks, zoals ik al zei, jullie hoeven je geen zorgen te maken. Jullie kunnen gaan en staan waar jullie maar willen. Ik voor mijn deel zal dit land verlaten. Ik heb er gewoon teveel slechte herinneringen aan. Ik denk dat ik naar Maidora ga, een land hier ver vandaan, om een nieuw leven op te bouwen. Maar dit keer zal ik geen heerser meer proberen te zijn, ik denk dat iemand om echt gelukkig te zijn samen met anderen moet leven en delen. Niet heersen. Vaarwel, mijn vrienden, en bedankt voor alles."
Even plotseling als dat de Dewgong verschenen was, verdween hij ook weer. Na een paar minuten niks gezegd te hebben, vond Jesse het allemaal welletjes. "Kom jongens, moedigde ze haar maatjes aan, ik denk dat we hier niets meer te zoeken hebben. We kunnen ons beter richten op die Pikachu." "Maar, protesteerde Meowth, daarmee zouden we toch stoppen?"
Jesse zuchtte. "Weet je, ik denk dat we er gewoon voor voorbestemd zijn hem te vangen. Natuurlijk zal het moeilijk worden, maar avonturen als deze beleven we daardoor hopelijk niet zo gauw meer. Ik heb verrek weinig zin zoiets een tweede keer te moeten doorstaan."
Meowth knikte, maar voor hij aanliep graaide hij even in hun rugzak. "Wat doe je daar?" vroeg James nieuwsgierig. "Hebbes, ze Meowth terwijl hij de GSM om contact met Giovanni te houden op de grond gooide, als we deze niet meer hebben kan hij ons ook niet meer vinden, hehehe!" James grinnikte. "Dan zijn we van dat probleem ook weer af!"
Vrolijk liep het trio richting Viridian City. Daar ergens zouden ze Ash waarschijnlijk weer eens aantreffen bij het trainen van zijn pokemon. En van Pikachu. Ooit zouden ze hem nog eens te pakken krijgen.ooit.

Geschreven door teamrocket.






 

 Affiliates
 » PikaShop.nl
 » Team Rocketsite
 » Sakura Magic

 Affiliates
 » Rocket Fics
 » Pokťmon Paradijs
 » The Arowana
 » Pokemon.startpagina.nl
 » Pokť Sea
 » Ballie's Gamesite

© 2002-2007 Wanted! Team Rocket!